top of page

Een gratis kaartje


Gistermiddag had ik even een momentje dat erg typisch voelde. Ik liep met de kinderen door de stad en kwam op een gegeven moment twee mensen van een politiek partij tegen die kaartjes stonden uit te delen. Gewoon van die kaartjes die je aan mensen kan sturen met een mooie tekst erop.

 

Eerst misschien wel belangrijk om te vermelden dat ik sowieso altijd een beetje zenuwachtig wordt van ‘dat soort mensen’. Je weet nooit zeker of ze je aanspreken, want ze kunnen natuurlijk niet iedereen aanspreken. Toch ga ik dan onbewust iets langzamer lopen voor het geval ze mij uitkiezen, terwijl ik dat meestal juist niet wil. Maar ja, als ze me wel aanspreken, dan wil ik niet te hard doorlopen waardoor het lijkt alsof ik ze expres aan het negeren ben, dat voelt dan ook weer ongemakkelijk. Maar ja, het is ook ongemakkelijk als ik langzaam voorbij loop en al bijna oogcontact maak en ze dan toch niks zeggen.

 

Goed, deze gedachtegang gebeurt op zo’n moment in een fractie van een seconde, maar uiteindelijk heb je geen tijd om er uitgebreid bij stil te staan en ga je mee in wat er gebeurt in het moment, wat ook juist maakt dat het zo onvoorspelbaar en stressvol wordt.

 

In ieder geval, ik kwam aan bij de twee kaartjesuitdelers en ze vroegen of ik een kaartje wilde. Mijn eerste gedachte was dat ik geen geld eraan wilde uitgeven (ik zag al helemaal zo’n deurverkoper voor me die je zo klem praat dat je bijna geen ‘nee’ meer kan zeggen). Ik begon mijn reactie dan ook automatisch met ‘dat ligt eraan…’ maar ik stopte abrupt. Natuurlijk ga je hiervoor niet hoeven betalen. Dat zou een erg slechte politieke campagne zijn.

Ik keek nog eens goed naar de kaartjes. Het waren zes soorten waar ik uit kon kiezen. Ze zagen er best leuk uit, dus ik keek of er iets tussen zat wat ik ook daadwerkelijk zou kunnen gebruiken. Intussen was ik al zo in contact met die mensen geraakt en stond ik ogenschijnlijk dusdanig serieus na te denken over de kaartjes dat ik ook niet echt meer ‘nee’ kon zeggen. Dus ja, geef mij maar zo’n kaartje, al wist ik op dat moment al dat ik er uiteindelijk toch niks mee zou gaan doen.

We wisselden nog wat woorden over het slechte weer en dat het van ons allebei dapper was dat we buiten waren en met een wederzijds ‘succes’ gingen we weer uiteen.

 

Toen ik wegliep was het eerste en enige waar ik bij bleef hangen mijn begin van de zin ‘dat ligt eraan hoeveel het kost’. Zouden ze het door hebben gehad? Zouden ze nu samen daar om moeten lachen? Of zouden ze iets denken over mij? Zou het begin van die zin eventueel op een andere manier verder in te vullen zijn? Ik kon zelf niet echt iets anders bedenken. Uiteindelijk moest ik maar concluderen dat het voor hen vast niet zo’n ding was als het voor mij leek te zijn. Misschien hadden ze de halve zin überhaupt niet gehoord of er in ieder geval geen aandacht aan besteed.

Voor mij was een detail van het hele gesprek het grootste ding, maar misschien was het voor hen niet meer dan dat – een detail waar ze niet op letten. Bij hen zal wellicht het geheel van de ontmoeting en de hoofdlijnen ervan voorop hebben gestaan: een moeder met twee kinderen, een leuk, vriendelijk gesprekje ondanks de regen, twee kaartjes met een mooie tekst uitgedeeld (ook eentje voor m’n dochter) en weer verder gaan met een lach.

 

Dit is dus heel typisch denk ik voor (mijn) autisme. Kleine dingen kunnen een grote bron van ongemak of stress opleveren, terwijl het de ander misschien niet eens is opgevallen. Zelfs als ik de hele situatie analyseer en kan beredeneren dat het allemaal misschien wel meeviel, blijft het gevoel van ongemak. Nu ik dit zo opschrijf, bedenk ik dat het ook wel te maken heeft met prikkelverwerking. Geen prikkels op de manier van zintuigen, maar op de manier van dagelijkse dingen die je meemaakt. Kleine dingen van een gebeurtenis, de bijzaken, komen met dezelfde intensiteit binnen als de hoofdzaken van een gebeurtenis. (De positieve kant hiervan is mijn oog voor detail, om dat toch ook maar even te benoemen).

 

Soms zeggen mensen dat als je maar vaak genoeg dit soort dingen meemaakt, je het vanzelf beter kan relativeren of dat je niet meer zo op de kleine dingen let. Ergens wil ik dat graag geloven, maar ergens doe ik dat ook niet. Hoe vaak dit soort dingen ook gebeuren, mijn informatieverwerking blijft altijd hetzelfde. Kleine dingen zullen altijd intenser binnen komen, al zeg ik nog zo hard tegen mezelf dat iets er niet toe doet.


Kortom – een zeer frustrerend aspect van (mijn) autisme.

Opmerkingen


Wil je een mail ontvangen als er een nieuwe blog online staat? Vul dan hier je emailadres in

bottom of page